Presentatie Plan voor de Arbeid en Solidariteit

werk_01 Op veler verzoek hierbij de tekst van de inleiding door Gerard Bosman zoals gehouden bij de presentatie van het Plan voor de Arbeid en Solidariteit op zaterdag 12 september 2015 te Rotterdam.

Goedemiddag partijgenoten en andere belangstellenden,

Vandaag presenteert de beweging Linksom! in de PvdA zijn Plan voor de Arbeid en Solidariteit. Onze beweging bestaat uit een nog steeds groeiende groep verontruste leden, die de vinger leggen op de vertrouwenscrisis tussen onze partijtop en de kiezers en onze leden. Aan de basis van deze vertrouwenscrisis staat een te snelle, ondoordachte en verkeerde coalitiepolitiek, met transactie-denken – het uitruilen van dossiers – in plaats van inhoudelijke compromissen, en een daaraan ten grondslag liggende technocratische benadering en neoliberale invloeden in het gedachtengoed van onze politieke top. Dit wordt nog versterkt door de weigering om hierover een openbaar debat te voeren, maar net te doen alsof het vanzelf weer zal overgaan. Jeroen Dijsselbloem zei gisteren bij College Tour nog steeds dat het kabinet gewoon verder koers moet houden, dan komen de zegeningen en de electorale beloning vanzelf een keer. De NRC schrijft vandaag concluderend: ‘De PvdA rommelt liever in alle rust verder’.

Maar koers houden betekent vast houden aan een beleid dat volgens ons de crisis juist heeft verdiept en het herstel heeft vertraagd, door fors te bezuinigen en niet te investeren – zoals we onze kiezers wel hadden beloofd. De bezuinigingspolitiek van de twee kabinetten Rutten hebben veel werkloosheid veroorzaakt, zo stelde Agnes al in haar campagne bij de Europese verkiezingen. “We zaten keurig onder de 5% voor die bezuinigingspolitiek begon”.

Nu heeft het kabinet de laatste weken een professionele propagandacampagne gevoerd door allerlei zgn. goed nieuws te lekken, en de pers laat zich misbruiken om dat positief te framen. Maar laten we ons niet in de war laten brengen door berichten over zgn. feestbegrotingen. Zolang de werkloosheid zo hoog blijft, de ongelijkheid en de armoede nog steeds blijven stijgen, is er geen reden tot feest.
De gelekte koopkrachtplaatjes beperken alleen verdere schade enigszins – er lijkt nu niemand er meer op achteruit te gaan. Maar nog steeds gaan de hogere inkomens er meer op vooruit dan de laagste inkomens, alleen bij alleenstaanden lijkt dat anders te zijn. Bovendien is gelijk blijven of een heel kleine plus niet afdoende om de armoede en ongelijkheid te bestrijden. Wij willen – net als de FNV – voor gepensioneerden met geen of maar een klein aanvullend pensioen, voor uitkeringsgerechtigden en voor werkenden aan de onderkant van de arbeidsmarkt eindelijk, na vele jaren in de min, eindelijk een echte koopkrachtverbetering, een veel grotere plus. Nu de economie eindelijk een beetje aantrekt, moeten de mensen die het meest getroffen zijn door de crisis en het grootste deel daarvan hebben betaald, terwijl zij aan de oorzaak part nog deel hadden, daar ook voldoende van meeprofiteren. Bovendien levert extra koopkracht ook meer werkgelegenheid op.

De aanpassing van de vermogensbelasting is op zich positief, want nivellerend (kleine spaarders betalen minder; rijke vermogenden betalen meer), maar gaat veel minder ver dan zou moeten. Inmiddels heeft Hans Wiegel al aangekondigd dat hij een campagne zal starten om net als bij de inkomensafhankelijke zorgpremie dit weer geschrapt te krijgen. Andere aanpassingen om te komen tot een eerlijker belastingstelsel worden niet genomen. En de hoofdprijs – 5 miljard (!, schrijf voluit 5000 miljoen euro) lastenverlichting, structureel dus ieder jaar weer – gaat voor het leeuwendeel naar mensen die het niet nodig hebben en leidt niet tot veel banen.

Ik moet bij dit beleid alleen maar denken aan een citaat van Joop den Uyl: ” De neiging om de rijken en machtigen te bewonderen en welhaast te eren enerzijds, en om de armen en zij die in slechte staat verkeren te minachten of dan toch tenminste te negeren is de grote en meest universele oorzaak van de corruptie van onze morele gevoelens”

Het aantal mensen onder de armoedegrens is inmiddels 2,5 miljoen en dat aantal stijgt nog steeds. Daarvan zijn er 604.000 kinderen – 1 op de 9 kinderen leeft in armoede in ons land, vooral 1-oudergezinnen. Het risico van armoede en sociale uitsluiting onder kinderen nam afgelopen vijf jaar toe met 1,5 procent tot 17 procent. Zij leven steeds meer geconcentreerd in stedelijke achterstandswijken, waardoor langdurige segregatie dreigt – denk aan de banlieues in Frankrijk als dit zo blijft doorgaan. Tegelijkertijd neemt het aantal miljonairs toe en wordt hun rijkdom steeds groter.
”Die concentratie en tegelijkertijd afzondering van andere groepen in de samenleving verkleint de kansen voor armen hun situatie te verbeteren. Dit zorgt onder kinderen voor ongelijke kansen in het onderwijs en later ook op de arbeidsmarkt”, zeggen de onderzoekers van Platform 31.
De voortzetting van het beleid van Rutte I onder Rutte II, dat voor de verkiezingen door onze partij nog gekwalificeerd werd als ‘rechts-rotbeleid’ maar nu als een braaf schoothondje gesteund wordt, veroorzaakt een tweedeling scheppen die moeilijk te keren is.

Dat de verdeling van de economische groei scheef zit blijkt alleen al uit het verschil tussen de economische groei (het CPB verwacht voor dit jaar 2% en voor volgend jaar 2,4%) en die van de koopkracht (volgens CPB dit jaar gemiddeld 0,8% en volgend jaar 1,1%).
Als de burgers karig bedeeld worden, wie profiteren dan wel? Om te beginnen de (eigenaren van) bedrijven, de kapitaalverschaffers. De arbeidsinkomensquote in de marktsector – het deel van de toegevoegde waarde van bedrijven dat als arbeidsinkomen wordt uitgekeerd – was vorig jaar 79,4. De rest is rente en winst, de beloning voor de kapitaalverschaffers. De nuancering die hierbij past is: kapitaalverschaffers zijn óók burgers. Een arbeidsinkomensquote van 80 is zo’n beetje het langjarige gemiddelde. Het loonaandeel stijgt echter niet, maar keldert dit en volgend jaar naar 77,4, ondanks de gemiddelde loonstijging van 2,2 procent die het CPB voor 2016 voorziet. Nog iets meer op het orgel: de winsten gaan omhoog, en de werkenden worden afgescheept met een klein extraatje.
Er zijn twee wegen die leiden naar een groter loonaandeel komend jaar: meer werknemers én hogere loonstijgingen. Dat vakbonden zich roeren is dus volstrekt logisch.

Het is onverteerbaar dat een kabinet met de PvdA hieraan meedoet – het is evident dat hiermee geen nivellering wordt bereikt maar alleen meer denivellering en tweedeling – het CPB zal dit natuurlijk glad strijken door grofmazige statistiek zoals ze ook voor het regeer akkoord gedaan heeft. De koopkracht plaatjes geven een doorsnede op het jaar per categorie ( maar niet hoe mensen steeds naar mindere categorieën toe bewegen) ze laten dus niet de levensloop zien, waarin mensen werkloos worden of in de bijstand raken, of in een onder water hypotheek belanden (doordat woonprijzen eerst met hypotheek rente aftrek werden opgestuwd en ze een woning moesten kopen bij gebrek aan huurwoningen) of in een enorme studieschuld. Ze laten ook niet zien, dat bepaalde leeftijden twee of meer jaar AOW zal worden afgenomen , dit effect zit niet in het nu voorliggende begrotingsjaar maar voor de meeste verder in de toekomst (wat op tienduizenden Euro neerkomt) wanneer je vanaf nu 1000 Euro meer te besteden krijgt is dat leuk maar het staat voor velen niet in verhouding met de op slag verdwenen AOW. Nog afgezien van de nadelige effecten op de arbeidsmarkt van de door de werkgevers afgedwongen vergroting van het “grijze en zilveren aanbod”.

Het aantal mensen dat langdurig werkloos is, steeg vorig kwartaal weer verder: 289.000 zijn er nu meer dan 1 jaar werkloos. Dit zijn vooral 45-plussers.
Ook het aantal mensen in de bijstand stijgt nog steeds, het zijn er nu al 447.000. Onder 45-plussers, de groep waarbij langdurige werkloosheid het vaakst voorkomt, stijgt het aantal bestandsgerechtigden dan ook het meest, namelijk met 6 procent.

Het aantal nieuwe banen dat nu in het vooruitzicht wordt gesteld is marginaal aan wat er de afgelopen jaren verloren is gegaan: 100.000 banen weg alleen al in de zorg en ook veel banen weg in de rest van de publieke sector, en 300-400.000 banen weg in de private sector. Nieuwe banen zijn vooral kleine parttime flexbanen.

Er is een stevig arbeidsconflict in de publieke en in delen van de private sector: grote stakingen en andere acties dreigen dit najaar.
De bezuinigingen in de zorg worden door het extra geld nauwelijks gecompenseerd. De problemen die daardoor bij de decentralisaties zijn blijven even groot.
Ook de problemen bij de uitvoering van de participatiewet, de dwangarbeid in de bijstand, het pesten van bijstandontvangers met wantrouwen, onzinnige verplichtingen en onredelijke sancties bij vergissingen, gaat onverkort door.
Om aan het quotum voor de garantiebanen te voldoen telt staatssecretaris Klijnsma de banen mee die er al zijn, maar alleen worden verplaatst in strijd met de afspraken daarover. Er komt nu extra geld daarvoor – althans volgens RTL4 – maar of dit genoeg is, hangt ook af van hoe dat wordt ingezet.
Minister Plasterk sluit met steun van Asscher en Dijsselbloem een cao waartegen de FNV zich fel verzet, en chanteert de vakbeweging met het dreigement om anders het geld anders te besteden. 2,8 miljoen werknemers in de publieke sector zien hun pensioen met 15% verminderen. Pensioen is uitgesteld loon, door de opbrengst daarvan in te zetten voor loonsverhoging, veranderd het loon dus niet. De pensioenverlaging staat gelijk aan 2 jaar langer doorwerken. Dit verminderd ook de kans op werk voor mensen die nu werkloos zijn.

De FNV heeft dit najaar stakingen en andere acties bij o.m. de ambulancezorg, de politie, de zorg, in de metaal, bij de belastingdienst, in stad- en streekvervoer, bij de rechterlijke macht, bij gevangenispersoneel, bij de douane, etc. Wij begrijpen dat en steunen de FNV daarbij.
FNV-leider en partijgenoot Ton Heerts, spreekt in het AD eind augustus zijn frustratie over het kabinetsbeleid uit: ”Het is een gotspe, hoe dit kabinet met mensen omgaat. Economie voorop in plaats van mensen en werk.” Hij sprak net als wij over de toenemende armoede en toenemende rijkdom in ons land, over de groeiende ongelijkheid tussen ‘bad, boot en bubbels’ en ‘bank, brood en bijstand’, een kleine groep die in steeds grotere weelde baadt terwijl een steeds groter wordende groep op een houtje bijt. Over directeuren die zichzelf een nog hoger salaris toekennen, terwijl zij reorganiseren en hun personeel de laan uitsturen. Zoals in de zorg. Heerts stelt de moraal aan de orde van mensen die geluk en volop kansen hebben in het leven, over hoe zij omgaan met mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt en met mensen die afhankelijk zijn van de overheid. Hij ziet de wijze waarop het kabinet de kritiek van de FNV negeert in het cao-overleg over de overheid- en gesubsidieerde sector als een ‘grote aanval op de FNV’. Het is inderdaad een schoffering van de FNV, een bloedverwant in de sociaal-democratische familie, en ik begrijp goed dat veel vakbondsbestuurders zich afvragen of ze nog wel lid van onze partij moeten blijven. Ik ben zeer blij met de aanwezigheid van partijgenoot Leo Hartveld hier vanmiddag als secretaris van de FNV. Zijn aanwezigheid symboliseert voor mij de verbondenheid die wij vanuit Linksom! met de vakbeweging in het algemeen en met de FNV in het bijzonder voelen. Een verbondenheid die wij ook graag weer bij onze PvdA zouden willen zien. Het is dan ook niet toevallig dat wij ons bij het Plan voor de Arbeid en Solidariteit hebben laten inspireren door het plan van de vakbeweging (FNV, CNV en VCP) uit 2014 ‘Werk op 1’ en de reactie van het FNV op de voorgenomen belastingherziening. Veel van de ramingen van opbrengsten en kosten, ook in termen van extra werk, hebben we aan hen ontleend.

Bij ongewijzigd beleid zal de werkloosheid nog tot ver na 2020 hoger zijn dan 5%.
Daarmee dreigt het gevaar dat groepen permanent worden uitgesloten van de arbeidsmarkt. Uitgesloten van een echte baan met voldoende koopkracht om volledig mee te kunnen draaien in de maatschappij. Werkloosheid trekt diepe sporen in onze samenleving. Dat moet koste wat kost worden voorkomen. Werkloosheid is geen individuele pech maar een maatschappelijk probleem.
Werkloosheid betekent voor miljoenen inwoners van ons land financiële zorgen, depressie en vernedering. Werk is niet een ongemak wat we moeten verduren om inkomsten te kunnen generen, opdat we voldoende kunnen consumeren. Werk vormt ons tot wie we zijn – als er geen werk meer is, dan raakt dat ons ‘zijn’. Dat besef je pas goed als je het niet meer hebt. Werkloosheid is geen technisch economisch probleem, maar een sociaal en een ordeningsprobleem. Werk is inmiddels hét middel tot erkenning, ontplooiing, sociale contacten en dagritme. Bovendien is werk nog altijd het belangrijkste instrument om het nationaal inkomen te verdelen: hoe verdeel je de poet ‘eerlijk’ als in de toekomst werkelijk een klein aantal mensen het hele nationaal inkomen zou produceren.
Veel werklozen hebben niet alleen geen baan maar ook nog slechts een minimuminkomen of zelfs in het geheel geen inkomen meer omdat ze langdurig werkloos zijn en niet meer op een werkloosheidsuitkering aanspraak kunnen maken. Zij worden daardoor teruggeworpen op de bijstand – met vermogens- en partnertoets – of op hun partner. Als mensen wel betaald werk hebben, zijn zij steeds meer aangewezen op onzeker werk, op slecht betaald werk van korte duur waardoor draaideurwerkloosheid ontstaat: steeds korte perioden van werk afwisselen met korte of langere perioden van werkloosheid. Vaak gaat het hierbij ook om contracten met heel weinig uren werk en dus zeer lage inkomsten. Andere groepen hebben wel werk maar zeer variabel: de ene week veel uren, de volgende heel weinig. En de positie van zelfstandigen is flink verslechterd. Werklozen en in toenemende mate ook werkenden ervaren dus instabiele inkomens en bestaansonzekerheid. Dat is in strijd met de door onze PvdA bepleite herwaardering van onze waarden.

Naast de effecten van de crisis zijn er ook structurele veranderingen in de werkgelegenheid door automatisering, robotisering en een toename van het internet winkelen, die ook leiden tot netto-banenverlies, met name op MBO-2 en -3 niveau. Tussen 1998 en 2010 is het aandeel van deze banen met 4,5 % gedaald, terwijl in dezelfde periode het aantal hogere en lagere banen steeg met ruim 2 %. In de zorg worden zelfs specifieke cao-afspraken gemaakt dat een arbeidskracht tenminste een mbo-diploma niveau 4 moet hebben. Deze stille revolutie op de arbeidsmarkt is structureel en raakt ongeveer 1 miljoen mensen met de mbo-opleidingskwalificatie 2 en 3. Het is de kurk van de middenklasse in ons land, die in zijn werkgelegenheid structureel wordt bedreigd. In tegenstelling tot wat veel wordt gedacht zal na de crisis en door de vergrijzing en demografische krimp in de toekomst geen tekort ontstaan in de zorg en in de techniek op MBO niveau 2 en 3. Integendeel, er dreigen daar een miljoen banen te verdwijnen – voor altijd.
Er is een waar woud van reïntegratietrajecten en disciplinerende maatregelen voor werklozen gemaakt. En ook nu er zo’n 630.000 officiële werklozen zijn, op 113.000 vacatures, gelooft de gemiddelde beleidsmaker nog heilig in de ingeslagen weg. Dat leidt tot nog meer concurrentie en verdringing voor laagopgeleiden tegen hoge kosten. Overigens is juist de belangrijkste drempel die mensen ervan weerhoudt om vanuit een uitkering werk te accepteren nog niet geslecht: de ondoorgrondelijke bijverdienregels en het feit dat je nadat je even gewerkt hebt weer erg moeilijk in de uitkering terug kunt.

De Nederlandse welvaart is de afgelopen 7 jaar met 3 procent gedaald, de conjunctuur verslechtert en de internationale situatie ziet er onheilspellend uit. Als we de conjunctuurbeweging sinds 2008 bekijken, is duidelijk de bekende 3-4 jaar durende cyclus waarneembaar, hebben we de hoogste ‘top’ alweer bereikt en gaat de cyclus onvermijdelijk weer naar beneden. Doordat de ongelijkheid toeneemt, zijn er bovendien grote groepen die er nog veel meer op achteruit zijn gegaan. Maurice de Hond constateert in zijn wekelijks opinieonderzoek van 17 augustus een werkelijk schokkend verschil in consumentenvertrouwen tussen SP-, PVV-, en 50Pluskiezers enerzijds (ongeveer een-derde van het electoraat) en D66-, PvdA-, VVD- en CDA-kiezers anderzijds (de helft van het electoraat).
Volgens de econoom Robert J. Gordon zijn we in de westerse wereld bezig aan een langdurige periode van nog zeker twintig jaar met in het gunstigste geval zeer lage groei door afname van de arbeidsparticipatie als gevolg van de vergrijzing, verzadiging van het opleidingsniveau van de bevolking, de ontstane vermogens- en inkomensongelijkheid, de wereldwijde torenhoge schulden, de uitputting van natuurlijke hulpbronnen en de negatieve gevolgen door de aantasting van het klimaat. Allemaal lange-termijn-ontwikkelingen die niet één-twee-drie met het bijdrukken van geld door centrale banken of overheidsbezuinigingen zijn op te lossen.
Behalve dat de Nederlandse welvaart de afgelopen zeven jaar 3 procent is gedaald en de conjunctuur de komende twee jaar verslechtert, is ook de internationale structurele economische situatie onheilspellend. Hoge schulden, lage rentes, valutaoorlogen, geldverruiming, haperende economieën, ongelijkheid.

Tjonge, wat een feest…
Zoals altijd is het belangrijk je af te vragen voor wie het feest is.

Dit kabinet zorgt wel dat de banken weer triple AAA zijn, maar waarom kan dat niet voor onze sociale standaarden? NL verdiend een triple AAA sociaal beleid. Melkert vroeg het al: Waarom kan de overheid wel de banker of last resort zijn maar niet de employer of last resort?

Martijn van Dam, vice fractievoorzitter PvdA, stelt in de NRC van 29 augustus dat ‘we zo druk geweest zijn met het repareren van het land, dat de ideologische verschillen aan het zicht zijn onttrokken. De tijd dat de agenda gedomineerd werd door de economie en overheidsfinanciën is achter de rug. Dat is goed voor het politieke debat’. Hij geeft hier goed aan hoe de fractie nu het waanidee aanhangt dat economie en overheidsfinanciën zich niet lenen voor ideologische verschillen of politiek debat. Een illustratie van het neoliberalisme dat in de praktijk door de fractie wordt aangehangen en van de vervreemding van het eigen gedachtengoed uit het verkiezingsprogramma in 2012. De spanning met het gedachtengoed van Melkerts commissie en van het Europees verkiezingsprogramma wordt steeds groter.

Internationaal is er binnen linkse en progressieve partijen een ideologische strijd gaande. De zon schijnt vandaag in Engeland, twitterde onze mede Linksom-er Adri Duijvestein zojuist. In de UK met Jeremy Corbyn is Labour vandaag linksom gegaan. Wij van Linksom! feliciteren hem met zijn overwinning en putten daaruit inspiratie en zelfvertrouwen. In Griekenland en Spanje zijn nieuwe linkse bewegingen ontstaan die veel meer steun krijgen dan de gecorrumpeerde oude linkse partijen. In Italië en Frankrijk proberen linkse regeringen met veel moeite Europa meer linksom te krijgen. Zelfs in de VS lijkt een kandidaat, Bernie Sanders, die zich democratisch socialist noemt, en nu zelfs Hillary Clinton lijkt te bedreigen voor de democratische nominatie. Hij wint vooral stemmen bij jonge kiezers. Hoezo, ouderwets links, zoals de critici van Corbyn en Sanders in de leidende partijelite zeggen. Ook al zou hij het niet worden, door zijn opmars is de agenda van Clinton ook al meer linksom gegaan.

Links in Nederland: GL zet al zijn kaarten op een jeugdige nieuwe politiek leider, die de strijd tegen het economisme en de financialisering van onze samenleving centraal stelt. In de SP woedt een interne democratiseringsstrijd met als inzet o.m. meer verbreding en minder centralisering van macht.
De PvdA is volstrekt in verwarring. Onze partij is er niet in geslaagd de vertrouwensbreuk met de kiezer na de onverwacht grote verkiezingswinst in 2012 en de snelle coalitie met de grootste ideologische politieke tegenstander te herstellen. Integendeel, de geloofwaardigheid wordt nog steeds verder aangetast door een groeiende kloof tussen woord en daad. Onze partij kenmerkt zich door linkse verhalen in programma’s en rapporten, en rechtse daden, waarbij juist afstand genomen wordt van die verhalen. De inhoudelijke en organisatorische vernieuwing van onze partij, waarbij op waarden gedreven politiek en politici, een meer activistische politieke stijl, en meer interne politieke democratie worden gepropageerd, smoren in een sfeer van repressieve tolerantie en een onversneden neoliberale politieke praktijk in de belangrijkste politieke arena, het nationale parlement. Kiezers, maar ook leden, nemen in grote aantallen afscheid van onze partij, vaak in grote verbitterdheid. De partij is in zichzelf gekeerd en heeft de binding met grote maatschappelijke bewegingen, zoals de vakbeweging en de milieubeweging verloren. De partij is verlamd door angst, angst dat door een debat over de deplorabele situatie van onze partij de neergang verder versneld gaat worden, en/of dat het perspectief op een mogelijk wonderbaarlijke politieke herrijzenis na economisch herstel helemaal zal verdwijnen. Wij vanuit Linksom! geloven niet in zulke wonderen. Wij vrezen dat als we door blijven gaan met ontkennen dat er veel fundamenteel mis is onze partij straks op een heel cynische manier uitvoering wordt gegeven aan één van de vele voornemens van onze partijvoorzitter die niet tot uitvoering is gekomen, nl. de sluiting van het partijkantoor op de Herengracht.
Niet omdat, zoals beoogd, we naar een beter passende locatie kunnen verhuizen voor een partij die de verbinding wil belichamen met gewone mensen in plaats van met de grachtengordel, maar omdat we de deuren van onze partij moeten sluiten. Als de huidige peilingen werkelijkheid worden, wat wij verwachten als we de kloof tussen links lullen en rechts poetsen niet linksom weten te dichten, dan zal de geldstroom uit Den Haag echt opdrogen en de PvdA, na lokaal, provinciaal en Europees ook nationaal gedegradeerd worden als hoogstens een splinterpartij.
Ook bij ons, net als in de UK en de VS, stelt onze TK-fractieleiding dat zij een linksom strategie afwijzen en suggereren dat dit tot een verkiezingsnederlaag zal leiden. Ons electoraat zou zich verrechtsen, dus we zouden juist rechtsom moeten. Meer naar het steeds rechtser wordende midden. Wij bestrijden dat uiteraard. Wij denken dat de linkse electorale afkalving juist te wijten is aan een gebrek aan een duidelijk linkse koers, een helder links antwoord op de door rechts neoliberaal beleid veroorzaakte crisis, niet alleen in woord maar vooral ook in daden, met een overtuigend links leiderschap dat ons in solidariteit verbindt. Wij geloven in de potentie dat daar voldoende electoraal draagvlak voor te organiseren is, maar het vraagt wel dat je er zelf in gelooft en dat in woord en daad ook weet uit te dragen. En dat is precies waaraan het nu in de PvdA aan ontbreekt en waarom Linksom het nu, en niet pas in 2017, tijd vindt voor verandering.

Deze week is er veel commotie over interviews eerst van Hans Spekman en daarna, tot tweemaal toe van Felix Rottenberg. De eerste riep op om tot een veel assertievere opstelling tegenover de VVD, en zette ondertussen Jet Bussemaker in de hoek. Maar maakte daarbij vooral een machteloze, wanhopige indruk, maar vond zich niettemin toch de beste persoon om nog een termijn als voorzitter door te gaan. We moeten ook van Hans linksom, maar de rit met dit kabinet moet wel tot het einde worden afgemaakt – de afgelopen periode bleek dit in de praktijk dat we rechtsom gingen. Toen kwam Felix, hij zette Diederik en daags daarna Jeroen in de hoek. Ook al had hij volgens Hans spijt van het afserveren van Diederik en was dat een beetje dom geweest. Maar dit werd toch minder geloofwaardig ingestudeerd dan indertijd onze eigen Koningin. Ondertussen werd Lodewijk naar voren geschoven als favoriete nieuwe lijsttrekker. De media smullen, maar de rechtsere media vragen zich tegelijkertijd bezorgd af of dit het kabinet nu niet in gevaar brengt. Het kabinet steunt nog maar op 1 zetel meerderheid en bij de VVD was er al even een dissident en als we de krant mogen geloven bij onze partij ook bijna een. Maar zo gaat het dus weer alleen maar over de poppetjes, hup we serveren iemand af en gaan – iets minder – vrolijk door. Wij vinden echter dat er nu eerst over de inhoud en onze koers gesproken moet worden en pas daarna over wie dat het best geloofwaardig over het voetlicht kan brengen. Want ook als Hans, Felix en Lodewijk het over links hebben, vraag ik mij af is dat ook wat wij onder links verstaan? Lodewijk steunde onlangs nog in De Balie De Derde Weg en het verzet tegen de linkse kandidaat Corbyn, terwijl tegelijkertijd Wim Kok terugkijkend op de periode dat hij door Blair en Clinton toegejuicht werd als het voorbeeld van de derde weg, daarvan nu juist afstand nam. Nu Felix het veld heeft moeten ruimen, wat ik persoonlijk zeer betreur, komt het des te meer op onze beweging aan. Wij stellen daarbij de inhoud voorop, de PvdA moet linksom. Pas daarna en is aan de orde wie dat het meest geloofwaardig kan uitdragen en in de praktijk kan brengen. Het is evident dat onze huidige politieke leiders de afgelopen periode daarbij geen goed track-record hebben opgesteld. Maar het debat moet wel in de goede volgorde gevoerd worden: nu eerst de inhoud. Als de partij met ons linksom wil, dan zien we wel wie er nog beschikbaar is – soms komen bij zo’n inhoudelijk debat ook onverwachte, nieuwe talenten bovendrijven.

Er is niet alleen een kloof tussen woord en daad in onze partij maar ook een kloof tussen de nationale politieke arena aan het Binnenhof en de andere politieke arena’s. In de gemeentelijke arena ervaren PvdA politici dagelijks de werkelijke effecten van de bezuinigingen in de zorg en op het gemeentefonds, en bij de invoering van de Participatiewet, de toenemende armoede en de sociale gevolgen daarvan. De meeste lokale PvdA bestuurders en politici staan door de wanprestaties in Den haag inmiddels werkloos aan de kant, evenals in de provincie en in de Senaat. Ook in Brussel zijn we nog maar met drie vertegenwoordigers aanwezig, en zonder de nu onlangs verboden lijstverbinding die we bij de Europese verkiezingen hadden met GL, waren het er maar twee geweest. Ze trachten met verve en tegen de stroom van onze partijtop in Den Haag en Amsterdam in om aan echt links beleid vorm te geven door te investeren in meer en beter werk en in een andere, sociale Europese Unie, en afstand te nemen van de schadelijke bezuinigingspolitiek. De kloof tussen onze vertegenwoordiging in Den Haag en Brussel is pijnlijk maar ook hoopvol: Agnes, Paul en Kati vertegenwoordigen de hoop van de PvdA in bange dagen. Ik ben bijzonder blij en vereerd dat Paul vandaag hier is.

Ik ben ook erg blij met de aanwezigheid van John Kerstens, woordvoerderonderkant arbeidsmarkt in onze Tweede Kamerfractie en oud-bestuurder bij FNV Bouw, hier vanmiddag. Ik weet dat er ook in onze TK-fractie veel discussie is over de koers en resultaten van dit kabinet. Ik vind het erg belangrijk dat we ook vanuit Linksom! in gesprek blijven met onze TK-fractie, hoe kritisch wij ook zijn. Ik waardeer zeer zijn komst hier en hoop dat hij ons Plan in Den Haag betrekt bij de debatten daar en daar ook inspiratie en concrete handreikingen in vindt.

De naam van ons Plan is een knipoog naar het roemruchte verleden van de Nederlandse sociaal-democratische beweging: Het Plan voor de Arbeid is bekend uit de jaren 1930, en was voornamelijk opgesteld door Hein Vos, de eerste directeur van het in 1934 opgerichte wetenschappelijk bureau van de SDAP (de voorloper van de Wiardi Beckman Stichting), en Jan Tinbergen, de latere Nobelprijswinnaar voor economie. Ook de toenmalige partijvoorzitter Koos Vorrink en de latere PvdA-premier Willem Drees waren bij het plan betrokken. Het is mooi om te zien dat ook de WBS met Van Waarde onze kritiek mede vertolkt. De twee plannen zijn natuurlijk verschillend in hun uitwerking, maar de overeenkomst is dat wij ook Keynesiaan zijn, pleiten voor investeren in plaats van bezuinigen en voor een actieve overheid. Het Plan was na de oorlog de belangrijkste inspiratiebron bij de heropbouw van onze economie en samenleving – ik spreek de wens uit dat ook dit plan zo’n inspiratiebron mag zijn.

U vindt op uw stoel 10 hoogtepunten uit het Plan van de Arbeid & Solidariteit:
1. Meer werk en beter werk moet prioriteit nummer 1 zijn van een kabinet dat de PvdA steunt. Dat moet blijken uit een scherpe werkloosheidsdoelstelling (<3%) en inzet van alle mogelijke middelen.
2. Voor meer werk mag tijdelijk het begrotingsoverschot oplopen (tot aan maximum 3%) en moeten investeringen niet meetellen (via introductie Kapitaaldienst)
3. Een ongerichte lastenverlichting voor 5 miljard met maximaal slechts 35.000 extra banen kan voor de PvdA niet aanvaardbaar zijn. Belastinghervorming kan en moet veel meer banen opleveren.
4. Arbeidstijdverkorting – 32-urige werkweek – en ruimere verloffaciliteiten kunnen een grote bijdrage aan de bestrijding van de werkloosheid.
5. De PvdA is niet van de kleine overheid als ideologisch doel. Er zijn veel meer handen, hoofden en harten nog in de (semi-)publieke sector.
6. Voor een effectievere Participatiewet moet in de eerste plaats erkend worden dat het echte probleem het tekort aan banen aan de onderkant van de arbeidsmarkt is. De quotumregeling geeft arbeidsgehandicapte werknemers in die concurrentiestrijd wellicht iets meer kans, maar dan ten koste van andere laag opgeleide kansarme personen op de arbeidsmarkt. Een oplossing voor de beroerde positie van mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt kan alleen gevonden worden als we erin slagen de koek daar te vergroten: dus arbeid voor laaggeschoolden terughalen of creëren.
7. Om de toenemende ongelijkheid in ons land te bestrijden zijn veel verdergaande belastingmaatregelen nodig.
8. Er moet een Wet op de Loonvorming komen die een maximum stelt aan de verhouding tussen de hoogste en de laagste beloning binnen een bedrijf of instelling.
9. De koopkracht moet sterker worden gedenivelleerd door onder meer verhoging van lonen, uitkeringen en toeslagen aan de onderkant.
10. Er moet een nationaal armoedebeleid komen, met een beter werkende schuldsanering en een andere fraudewet, meer bijverdienmogelijkheden en geen verplichte tegenprestatie in de bijstand, en een uitkering van de belasting bij werkenden met de laagste inkomens

Ik hoop op een goed en constructief debat over ons plan. Het gaat niet om de instrumenten en de precieze berekeningen, maar om de richting en koers, en om aansprekende resultaten: veel meer en beter werk, en veel minder ongelijkheid en armoede. Niet pas in een volgende regeerperiode, maar nu, vandaag en morgen. Daar zullen we ook volgende week op de Politieke Ledenraad een motie over indienen. Het is tijd voor verandering, het is tijd voor Linksom!

Advertenties

Een gedachte over “Presentatie Plan voor de Arbeid en Solidariteit

  1. Dit kabinet is nooit in staat geweest positief beleid te maken. Er is en was altijd gedonder. De JSF zal ons tot in lengten van jaren achtervolgen omdat je daar geen vluchtelingen mee red. Er is geen controle #HSL #PGB #belastingstelsel #zorgkosten #wegenbelasting #politieacties #benzineprijzen grens #openbaarvervoer #bankencrises #kleinereoverheid? #onderwijs #voedselbanken #socialewoningen . De regering zegt; het gaat beter, maar er zijn meer mensen NIET ingeschreven en werkzoekende dan ingeschreven werkzoekenden. Gewoon omdat er geen werk is.
    En dat zal er ook niet komen als regering en kamer niet de tering naar de nering zetten. De gewone een of tweeverdiener die 32 tot 40 uur werken betalen genoeg belasting. Er blijft genoeg over te debatteren, maar er komen geen oplossingen. Alleen adhoc beleid door snel achterelkaar komende verkiezingen. Vroeger werd over zuid Amerika gezegd . Bananen republiek. Maar wij zijn hard op weg om zo telwoorden.
    In de tweede kamer is er ook geen gezag meer. Kruinen #twitterende #Facebook #emailende kamerleden in de plenaire zaal die bijna nooit vol is. Waarom dure verbouwingen doen?
    Het zal mijn tijd wel duren voor we een 2 partijenstelsel hebben waarbij gekozenleden rechtstreeks aan de kiezers verantwoording afleggen.
    En niet meer gekozen worden op decstekker van de lijsttrekker.
    Maar even goed. Een prachtig artikel. Wie gast er mee aan de slag? Ik mis antwoorden van het kader van de partij.
    Er is zoveel te doen, maar vaak komt als antwoord dat lopende zaken veel tijd vragen.
    WIE GAAT ER AAN DE SLAG MET EEN ANDER NEDERLAND…?

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s