Verruiming gemeentelijk belastinggebied een goed idee?

euro_01
Door: Gerard Bosman

Op 3 december 2015 bericht de NRC dat het kabinet tracht haar belastingplan te redden door een deal met CDA en D66 in de Eerste Kamer door het gemeentelijk belastinggebied te verruimen. Hieronder zal ik uitleggen waarom dat misschien niet zo’n goed idee is.

Allereerst, waar gaat het om? Het belastingplan is in de Tweede Kamer aangenomen met alleen de stemmen van VVD, PvdA en CDA – alle andere fracties waren tegen. In de Eerste Kamer hebben deze partijen geen meerderheid – als D66 ook zou steunen, dan zou er daar wel een meerderheid zijn. D66 was in de Tweede Kamer tegen, met als argument dat het plan (1) te weinig banen oplevert en (2) de vergroening van onze economie onvoldoende stimuleert. Dat zijn argumenten die ook voor onze partij belangrijk zijn, maar toch was onze fractie voor. Onze TK-fractie verdedigd dat door te stellen dat het plan weliswaar minder banen oplevert dan de bedoeling was, maar dat er voor alternatieven die meer banen opleverde geen meerderheden te vinden waren, en als het plan helemaal niet door zou gaan, er helemaal geen banen bij zouden komen. Al het beschikbare geld zou dan naar het aflossen van de staatsschuld gaan (wat D66 in de Tweede Kamer uiteindelijk een beter alternatief vond!). Voor vergroening van het belastingstelsel, en voor meer nivellering (eerlijk delen!; GL en SP drongen daarop aan) gold volgens onze TK-fractie hetzelfde. Het is de bekende gijzelingsargumentatie die we al drie jaar van hen horen – zonder ons wordt het nog slechter! Met deze argumentatie wordt verdedigd dat we 5 miljard (dat is 5.000.000.000!) euro ieder jaar opnieuw weggeven aan vooral mensen die het niet nodig hebben, daar nauwelijks beter van worden en waaruit nauwelijks positieve effecten voortvloeien voor de samenleving als geheel. 3,5 miljard (3.500.000.000!) euro wordt besteed aan lastenverlichting zonder dat het ook maar één baan oplevert. Onder meer ontvangen de hoogste inkomensgroepen hiervan een belastingvermindering. Van het overige geld worden onder meer de werkgeverslasten van werknemers verlaagd. Dit gebeurt echter maar heel beperkt, en omdat het CPB ineens zijn model veranderde, zou het nu geen 100.000 banen maar slechts 35.000 banen opleveren. Let wel, pas ergens in de jaren 2020, voor 2016 worden zelfs maar 7000 door het CBP voorzien. En dan zijn er wat fooitjes, wat sprokkelgeld, zoals 0,1 miljard voor armoedebeleid en wat klein geld voor WSW-ers en voor de onderkant van de arbeidsmarkt. Zo blijft de werkloosheid dus hoog, hoger dan toen dit kabinet begon, neemt de armoede en ongelijkheid toe, en laten we kansen om de belastingen verder te vergroenen liggen.

PvdA-LogoWat hierbij miskent wordt is dat er zonder PvdA ook geen meerderheid voor het belastingplan is. Waar andere fracties voor hun steun zaken zichtbaar voor de kiezer voor elkaar hebben gekregen zonder (met uitzondering van het CDA) daar in ruil zelfs steun voor het plan voor terug te geven, staat de teller voor het PvdA op 35.000 banen, een zeer bescheiden koopkrachtreparatie en wat klein geld voor de ergste noden aan de onderkant van arbeidsmarkt en inkomensgebouw. De economie groeit nu drie keer zo snel als er banen komen, honderdduizenden dreigen voor altijd zonder werk te komen, de middenklasse wordt uitgehold doordat zowel het aantal armen als het aantal rijken toenemen, werklozen worden opgejaagd en alle inspanningen gaan er vanuit dat deze werklozen zelf een probleem hebben, maar de PvdA slaat niet met zijn vuist op tafel – tot zover, en anders geen steun. Want dit kabinet moet zijn rit uitmaken, ook al uit angst voor nieuwe verkiezingen – alsof uitstel en negeren wat er in de samenleving werkelijk gebeurt betere verkiezingsuitslagen ooit dichterbij zal brengen.

De deal die nu in de senaat dreigt, is de volgende. Het kabinet had in zijn oorspronkelijke plan (dat eerder werd afgeschoten) een verruiming van het gemeentelijk belastingtarief staan. Dat betekent dat de landelijke belastingen omlaag gaan, en in plaats daarvan mogen de gemeenten voor een gelijk bedrag extra lokale belastingen heffen. Tegelijkertijd wordt het gemeentefonds (de subsidie van de rijksoverheid aan de gemeenten) voor hetzelfde bedrag gekort.
D66 is daar erg voor, het zou de lokale democratie versterken en – zo had het CPB berekend – indien je dat doet via een OZB-verhoging voor huurders en eigenaren, dan kan het extra werkgelegenheid opleveren. In werkelijkheid komt dat door de compenserende maatregel die het CPB hanteert in de nationale belastingen: de algemene heffingskorting wordt verhoogd – dus iedereen betaalt minder belastingen. Het CPB denkt dat als iedereen meer geld overhoudt, dat deze koopkracht zich op termijn vertaald in meer werk. Een rare redenering, want de mensen krijgen natuurlijk helemaal geen extra koopkracht, ze moeten immers net zoveel meer lokale belasting betalen als ze nationale belasting minder gaan betalen. Het CPB denk echter dat door de afwijkende systematiek van belastingen, met name de tweede verdiener binnen een huishouden zal stimuleren om meer te werken. Het CPB (en D66) gaat er hier wederom vanuit dat de problemen bij de werkloze ligt: die moet meer geprikkeld worden. Of er ook werk is, en hoe er meer werk kan komen, daar heeft het CPB en D66 het bij deze variant niet over. Ook niet over dat dit dus niet helpt om de huidige geregistreerde werklozen aan het werk te helpen: het zal alleen meer mensen die nu nog niet actief op zoek waren bewegen zich ook op de arbeidsmarkt te melden. Het paradoxale effect zou daarmee zelfs kunnen zijn dat de werkloosheid juist stijgt, in plaats van daalt. Het CPB gaat uit van 4 miljard (4.000.000.000!) euro structurele verschuiving. Dat zou dan op termijn 15.000 extra banen opleveren. We hebben dan dus in totaal 9 miljard (9.000.000.000!) euro per jaar verjubelt voor in totaal 50.000 banen, dat is 180.000 euro per baan, ergens in het volgend decennium, en dan nog volgens een weinig solide redenering van het CPB, die miskent dat het probleem niet bij de werklozen ligt, maar bij het gebrek aan banen.

Daar komt bij dat hierdoor dreigt dat de mogelijkheden om op nationaal niveau inkomenspolitiek te bedrijven verminderen, en dat in plaats daarvan juist gemeenten dat gaan doen. In een tijd waarin de ongelijkheid nationaal groeit, is dit zeer onwenselijk.
Het CPB pleit voor een (her)invoering van de gebruikersheffing van de OZB, die alle huurders en eigenaren betalen, en die varieert naar het profijt dat mensen hebben van gemeentelijke voorzieningen, bijv. je betaalt meer als je dicht bij een winkelcentrum woont. Dat zou bevorderen dat er goede gemeentelijke besluiten over het geld genomen wordt, alleen als mensen ergens profijt van hebben zijn ze ook bereid om meer te betalen en kan de gemeentelijke politiek daar geld voor heffen en besteden.
Het is typische beleidsblubber van achter de tekentafel, compleet losgezongen van de praktijk. In de eerste plaats omdat mensen natuurlijk ook gebruik maken van voorzieningen die helemaal niet direct om de hoek liggen, denk aan een zwembad, een theater, sportvelden, een muziekschool, etc. – de ligging van je adres zegt dus niets over het profijt dat een huishouden heeft van lokale voorzieningen.
In de tweede plaats hebben de meeste gemeentebesturen de neiging om eerder de lasten te verlagen dan goede voorzieningen te maken. Van die voorzieningen maakt altijd maar een deelpopulatie gebruik, terwijl iedereen de lokale heffingen betaalt. Gevoegd bij het algemene wantrouwen in politici scoort een gemeentebestuurder eerder als hij de gemeentelijke OZB verlaagt dan dat hij meer uitgeeft aan een theater. Zie ook de onderbesteding bij zeer veel gemeenten in het sociale domein, terwijl de verschraling van de zorg inmiddels tot schrijnende situaties leidt en de budgetten tot 40% zijn gekort. In sommige van deze gemeenten wordt zelfs tegelijkertijd de lokale belasting verlaagd. Er ontstaat dus een race naar de bodem, om zo laag mogelijke belastingen, tussen lokale politici, en daarmee met steeds mindere voorzieningen.

molen_01Dat heeft ook te maken met de kwaliteit van de lokale democratie en de lokale bestuurskracht. Om met het laatste te beginnen: doordat de subsidie van het Rijk aan gemeenten stijgt naarmate de gemeente groter wordt, evenals het aantal en de vergoedingen aan lokale bestuurders, raadsleden en de gemeentelijke ambtenarensalarissen, kunnen kleine gemeenten de steeds groeiende taken niet aan. Het kabinet ziet dit als een prikkel om gemeenten van onderaf te laten besluiten te fuseren of tenminste samen te werken, maar dit is niet populair bij lokale kiezers en één van de grootste oorzaken van het opkomen van lokale partijen. En dat is ten dele ook wel terecht: de afstand tussen het gemeentelijk bestuur en de burgers wordt natuurlijk dan groter, en bij samenwerking wordt de controle door de gemeenteraden ook minder.
Wat betreft de lokale democratie: op dezelfde dag als wanneer het eerder genoemde artikel van NRC gepubliceerd wordt, wordt ook een PvdA motie in de Tweede Kamer aangenomen die aankaart dat de lokale democratie nodig versterking behoeft. Er is onvoldoende ondersteuning en vergoeding van raadsleden en dat moet de Minister ‘onderzoeken’. Ook onze partijvoorzitter stelt keer op keer dat een grote landelijke partij nodig is om voldoende kandidaten van kwalitatief goed niveau te kunnen rekruteren voor alle lokale bestuurs- en raadsfuncties, maar dat zelfs bij onze minder dan 50.000 leden dat steeds meer een probleem wordt. Maar ondertussen is het belang van gemeentelijke politiek door de decentralisaties wel aanzienlijk vergroot en gaat er teveel mis, en zitten raadsleden met ofwel de handen in het hoofd ofwel verkeert het hoofd nog in de wolken van ontkenning dat er veel mis gaat. En dat laatste is weer mogelijk doordat er ook nauwelijks onafhankelijke lokale pers meer is, die het gemeentebestuur kritisch volgt. De burger heeft dus ook nauwelijks mogelijkheden om kennis te nemen van het reilen en zeilen van zijn gemeentebestuur, anders dan de officiële voorlichting c.q. propaganda door het gemeentebestuur zelf in de vele huis-aan-huisblaadjes, die veelal de onafhankelijke lokale pers hebben vervangen. Geen wonder dat uit ieder verkiezingsonderzoek blijkt dat kiezers zich bij gemeentelijke verkiezingen vooral laten leiden door landelijk beleid, en niet door lokale keuzes en resultaten.
Dat het verhogen van gemeentelijke heffingen de lokale democratie bevorderen is dus een drogreden, het zal geen enkel effect hebben. Om de lokale democratie te bevorderen zijn investeringen nodig, in betere gemeentelijke ambtelijke organisaties, in meer scholing en ondersteuning van raadsleden, in betere vergoedingen voor wethouders, raadsleden en ambtenaren, en in onafhankelijke lokale nieuwsgaring (zoals dat landelijk ook gebeurt bij de landelijke en regionale omroepen). En die investeringen zijn voorwaardelijk om daarna te beslissen of bepaalde taken, en zeker ook meer heffingen, over te hevelen naar gemeenten. Voorlopig zie ik daar geen enkele aanleiding toe en worden de voorwaarden ook nog lang niet vervuld.

Het is echter een beetje het nieuwe geloof in de politiek, ook in onze partij – lokaal is beter. Nou, niet altijd dus. Lokale politici leiden een beetje aan zelfoverschatting als ze denken dat ze alles beter en goedkoper kunnen doen. Zij zouden wel eventjes de zorg voor meer dan de helft goedkoper en beter doen, nou dat hebben we geweten.
Ik snap het wel, het sluit aan bij romantische small-is-beautiful gedachten en de misstanden bij schaalvergroting en bij landelijk beleid zijn debet aan het gevoel ‘dat kunnen wij lokaal beter’. Maar je ziet nu de gemeenten juist opgaan in grotere verbanden om de uitdagingen aan te gaan – en zo komt de burger van de regen in de drup.
Je moet eerst zorgen dat je zeker weet dat je op het jouw schaal aan kan en of de voorwaarden daarvoor voldoende zijn ingevuld. En sommige dingen moet je helemaal niet willen hebben, zoals meer afhankelijkheid van lokale belastingen, zeker niet de eerstkomende tien jaar.

Maar de steun lijkt groot voor deze overheveling van belastingen naar gemeenten. De VNG is voor, het CPB positief, de Raad voor Financiële Verhoudingen ook, het kabinet wilde het al, en ook D66 dus. Het probleem lag inhoudelijk bij het CDA, die waren in de Tweede Kamer tegen. Maar de CDA Eerste Kamerfractie lijkt voor te zijn. In juni 2015 verscheen er een VNG rapport met als auteurs niet alleen Wouter Bos, maar ook de huidige senatoren Rinnooy Kan (D66) en Marnix van Rij (CDA), met een pleidooi voor meer ruimte voor gemeentelijke belastingen. Ook de nieuwe fractievoorzitter van de VVD in de Eerste Kamer, Jorritsma, tot voor kort voorzitter van de VNG, was voor. Technisch is het ook eenvoudig, gewoon een motie aannemen dat deze overheveling er in 2017 komt en dan het belastingplan voor 2016 aanvaarden, na een toezegging van het kabinet. Het huidige belastingplan hoeft er dan niet voor gewijzigd voor te worden (hetgeen anders eerst weer een nieuw besluit van de Tweede Kamer zou vergen) en de uitvoering van het plan door de belastingdienst kan gewoon ordelijk plaatsvinden. Het hangt er nu vanaf, zo schreef de NRC, hoe de fractievoorzitters in de Tweede Kamer van CDA en D66 hun senatoren de politieke ruimte geven om een deal te maken met het kabinet. Het CDA wil natuurlijk het plan redden, maar Buma was in de Tweede Kamer inhoudelijk fel tegen de overheveling. En Pechtold wil eigenlijk geen deals meer sluiten met dit kabinet, zo lijkt het. ‘Het roer moet om’ zo oreerde D66 nog daags hiervoor bij zijn partijcongres.

Het is verleidelijk om mee te gaan in de hoofdstroom die voor meer lokale taken en belastingen is. Maar er zijn goede inhoudelijke redenen om dat niet te doen. Ik zou willen dat onze PvdA zich nu eindelijk eens zelfbewust toont en stelt ‘dit gaan we dus niet zo doen’. Zonder PvdA is er geen meerderheid, zelfs met D66. Of tenminste veel meer eisen stelt, in termen van meer banen (in de publieke sector – zorg, veiligheid, onderwijs, etc. -, met 100% vrijstelling werkgeverslasten bij werkloze ouderen in hun eerste jaar weer werken en 50% in het tweede jaar, met veel meer geld voor basisbanen voor mensen die op eigen kracht niet meer aan het werk komen, met een New Green Deal), meer vergroening en meer eerlijk delen (zie ons Plan voor de Arbeid & Solidariteit voor veel meer ideeën) en voor meer investeringen in de lokale bestuurskracht en democratie. De dreiging dat bij afstemmen van het belastingplan de 5 miljard ‘automatisch’ naar het begrotingstekort gaat, laten we ons aanpraten. De PvdA kan ook dat met anderen blokkeren.

Teveel zien we nu dat onze partij zich er bij voorbaat bij neer lijkt te leggen dat voor ons standpunt nu geen meerderheid is. Je kunt niet onderhandelen als je niet bereid bent te verliezen. Als je niet in staat bent met vertrouwen en vooral met passie vanuit de eigen beginselen en ideeën te onderhandelen, zal je ook nooit het optimale resultaat bereiken. Ik roep onze fracties in Eerste en Tweede Kamer op: sta op en verman (m/v) u!

Gerard Bosman
Eén van de initiatiefnemers van Linksom! in de PvdA, voorzitter PvdA-Ridderkerk en kandidaat voor het lidmaatschap van het landelijk partijbestuur van de PvdA (bij het congres op 13 februari 2016).

Advertenties

Een gedachte over “Verruiming gemeentelijk belastinggebied een goed idee?

  1. Uitwerken,

    Bedankt Gerard voor de vele input. Echter dat er, een andere insteek, het belastingstelsel overhoop moet, dat moet nog verder uitgekristalliseerd worden. Behalve gemeenten heffen ook de provincies belastingen. En wat het met elkaar niet gemakkelijker op maakt is dat er ontzettend veel schijven nodig zijn om geld van a naar b te brengen en hoeveel geld er aan de strijkstok blijft hangen. Dat het er nu op aan komt of er 5 miljard NIET bezuinigd wordt, want het wordt toch wel uitgegeven of dat het goed besteed wordt. Dat maakt het verschil. Ik ben voor het belasting betalen op de plaats waar het verdiend wordt. Dus zoveel mogelijk daar waar het wordt uitgegeven. Dat kan betekenen dat er streken, plaatsen of provincies meer zeggenschap over geld krijgen. Zo’n Insteel lees ik nooit. Waarom eerst geld naar den haag en dan weer terug? We kennen in Limburg allemaal de gevolgen van de mijnsluitingen. De overheid zou gaan spreiden met overheids werkzaamheden. ABP naar Heerlen etc. Maar hoe heeft dat nu eigenlijk uitgepakt?

    Voor een echte verandering in het belastingstelsel zou je echt zaken terug moeten draaien of werkelijk ‘veranderen’. Nu is het altijd veel van hetzelfde en geld bij de een weghalen en elders onderbrengen. Nooit eens gedacht dat een keer belasting betalen veel meer op kan leveren? Waarom nog de mogelijkheid om belasting te ontwijken? Elke handeling, btw, brengt geld op. Elke betaling gast tegenwoordig bijna altijd via bankbetalingen of overschrijvingen. Bijna niet meer contant. Bij welke betaling heb je het beste overzicht? Probeer daar dan een plan van aanpak voor te maken.

    De materie is zo ingewikkeld gemaakt dat er te veel mensen zich er mdrul om moeten maken, belangrijk zijn. Maar stel dat

    Reinier den Uijl Gerichtsberg 9 6041PX ROERMOND.

    Tel. 0475-326112

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s