De PvdA en het goede verhaal

Door: Tom van Doormaal

Voor een goed verhaal gaat de wereld plat, zeg ik vaak aan de borreltafel. Mensen vragen mij dan waarom ik nog steeds lid ben van de linkse splinter die de PvdA is geworden.

Waar blijft dat goede verhaal dan? Aan de borreltafel is treiteren toegestaan. Ik geloof nog steeds aan de sociaaldemocratische uitgangspunten en voel me goed in de historische traditie, zeg ik dan. En je kunt veel zeggen van Lodewijk Asscher, maar slecht doet hij het niet, voeg ik dan nog toe.

Loopt de sociaaldemocratie op zijn laatste benen? Een oud voorzitter van de PvdA vindt tien zetels wel een natuurlijke omvang voor de sociaaldemocratie. Ik geloof dat niet, maar er zal wel een ‘goed verhaal’ moeten komen, niet een dik verkiezingsprogramma met slimme details, wel een visie die kan werven en binden. Het overwinnen van de inzinking moet, terwijl er lokale verkiezingen voor de deur staan. Dat maakt regie voor de verzwakte partijleiding lastig.

De neergang en de visie

Wilco Boom schreef een boek over het goede verhaal in de vorm van een aantal interviews met prominenten: “De Neergang van de PvdA, prominente sociaal-democraten over de crisis en de weg omhoog”, Amsterdam 2017.

Het is prettig lezen en het idee van gesprekken, met globaal dezelfde prikkelende vragen over de onderwerpen waar het pijn doet, is niet verkeerd. Dus ik heb niet veel tegen het boek.

Maar de doorkijkjes maken niet altijd vrolijk. Zo wordt Adri Duyvestein geschetst als een risico voor de oude coalitie, een man die zijn principiële tegenstand tegen Rutte II inruilde voor het scoren met zijn hobby van wooncoöperaties. Zo meldt Wouter Bos dat hij de Maserati rijdende directeuren van corporaties een lesje wilde leren met de verhuurdersheffing, daarmee de kromste belasting op sociale doelen instellend die ooit heeft bestaan. Zo meldt Duyvestein dat Samsom een tactische fout maakte door Wouter Bos als formateur aan te zoeken, waardoor voldoende tegendruk in het formatieproces uitbleef, door harder ideologisch denken. Dat zou best eens kunnen.

Soms ben ik wel blij met opmerkingen. Mariëtte Hamer dacht dat in de crisis een sociaal economische agenda de boventoon zou hebben, maar vaak bleek de sociaal-culturele dominant: aan een geïntegreerde visie heeft het ontbroken, zodat onvoldoende helder was “met welke idealen je in dat hele speelveld staat”. Ik heb onze partij wel institutioneel autisme verweten, maar Giselle Schellekens zegt dat we inhoud gedreven aan het werk moeten en dat de kiezers dan wel weer komen. Het inspireert, deze visie van een relatief onbekende en jonge politica, waar is het goede verhaal?

De interviews gaan vaak over de veranderingen in de arbeidersklasse, de verbindingen tussen bepaalde beroepsgroepen en de strategische afwegingen voor de partij. Ik krijg daar nogal jeuk van. Het levert ook niks op: nutteloze clichés, zonder praktisch perspectief: hoe zou je handarbeiders en intellectuelen moeten verbinden? Ik heb daar geen beeld bij. Zeker: de samenleving verandert, zoals de economie verandert, maar waar gaat het om? Wat is het verhaal?

Ongelijkheid

Misschien is het goede voorbeeld wel Bernie Sanders.

Ooit zei Rousseau dat een burger niet zo rijk moest zijn dat hij een andere burger kon kopen, maar ook niemand zo arm dat hij alleen zichzelf nog kon verkopen. Is dat het centrale gevoel in de sociaaldemocratie?

Als we de ongelijkheid centraal stellen, wat levert dat op? Bernie Sanders slaagde er in een behoorlijke tegenstroom op gang te brengen in de V.S., die maar nipt strandde in de kandidatuur van Hillary Clinton. Die verdient overigens voor haar ideologische inspanningen meer krediet, dan zij door haar gedrag verworven heeft.

De analyses over de toenemende ongelijkheid zijn verontrustend en gelijkluidend. Robert Reich, ooit minister arbeidsmarkt van Bill Clinton getuigt daar bijna wekelijks van. Wie wil kan hem op Youtube vinden. Zijn boek “Saving Capitalism, for the many, not the few” is aan te bevelen. Van iets ouder datum is het onderzoek van Wilkinson en Pickett, “The spirit level”, dat vrij helder aantoont dat de egalitaire samenlevingen op bijna alle punten beter scoren dan de ongelijke. Nederland valt doorgaans positief op.

De globale inzet van mijn goede verhaal is dus een principiële keuze voor een grotere gelijkheid. (Ter verdediging van de PvdA inzet in Rutte II, de inkomensgelijkheid is bij ons redelijk constant gebleven, terwijl die in vergelijkbare landen is gedaald.)

De gemeente

Bij een goed verhaal mag de gemeente niet ontbreken.

Hoe komen we precies aan het “Huis van Thorbecke”? Waarom wordt het niet grondiger verbouwd? Mijn vermoeden is dat we veel morsige narigheid zien in de lokale politiek en dat het enthousiasme voor de lokale overheid daardoor beperkt is.

Maar dat lijkt me kortzichtig. Alle politiek is lokale politiek. De kern is: problemen oplossen met de buren. Natuurlijk zijn er grotere thema’s, maar het begin is betrekkingen tussen buren, mensen die elkaar helpen met de oogst, met de bescherming tegen hoog water.

Waarom scoort decentralisatie niet beter in onze visie? Ook hier is wel een antwoord op: we hebben de laatste decentralisaties niet gedaan om inhoudelijke redenen, maar vanwege het geld. Een tweede motief is er ook: ‘Den Haag’ vindt overdracht van echte bevoegdheden ingewikkeld. Liever kiest men voor gedetailleerde uitvoeringsvoorschriften en budgettaire kaders, want dat stuurt zo lekker. Maar decentraliseren vraagt natuurlijk iets meer visie: wat wil je met een wet realiseren, hoeveel ruimte mag een gemeente hebben bij het invullen van een taak?

Een commissie van de VNG noemde de gemeente “de eerste overheid”. Het rapport dateert van medio 2007. Er is alleen niets mee gedaan, terwijl de aanbevelingen volstrekt zinnig zijn: meer lokale autonomie, meer financiële armslag en eigen inkomsten. De commissie werd voorgezeten door Jozias van Aartsen, thans waarnemend burgemeester van Amsterdam. Andere leden o.a.: Ank Bijleveld, Herman van Gunsteren, Marijke Vos, Jouke de Vries.

De globale inzet van mijn goede verhaal is een principiële keuze voor de gemeente al eerste overheid, waarvoor het voorwerk al gedaan is. Misschien moet er nog wel energie worden gestopt in de vragen rond het bestuurlijke handwerk: hoe schep je de kaders waarbinnen de lokale politiek en bestuurlijke autonomie gestalte kunnen krijgen?

Het verhaal en de politiek

Mijn pleidooi voor een goed verhaal probeert een route van denken te propageren, die vooruit kijkt. Ik ben niet tegen traditie, maar zoek naar vertaling daarvan in een visie die ruimte geeft. Een simpele maar hoopvolle constatering uit de gesprekkenbundel: de VVD vond alles goed. De partij is inderdaad zo beweeglijk als voorman Rutte. Het geeft ons de kans om lokaal sociaaldemocratische politiek te bedrijven.

 

Advertenties

2 gedachtes over “De PvdA en het goede verhaal

  1. Mooi en positief. Slechts een opmerking of aanvulling. Lokale politiek begint ook met samen kijken naar de toekomst. Vaak word je als burger geconfronteerd met voldongen feiten omdat de communicatie slecht verloopt of dat gemeenteraden niets terugkoppelen met leden of bewoners. Er moet meer openheid van zaken gegeven worden. Vaak zijn vergaderingen nog achter gesloten deuren. Vooral als het om geld gaat. Maar daar draait alles toch om in een economie die vooruit wil? Ik denk zelf dat we niet geleerd hebben om te delen. Kijk nu eens of het echt nodig is. Ik roep bij de komende gemeenteraadsverkiezingen ook op om de gewone Nederlander mee te nemen naar de toekomst. Als volksvertegenwoordiger sta je er niet alleen voor maar willen we samen de besluiten nemen.
    Daar is wel een wil voor nodig maar daar op kan toch geen ontkennend antwoord komen.
    Tot slot roep ik gemeentebesturen op om meer openheid te geven in wat er in de leefomgeving plaatsvind. Sluit mensen niet uit maar sta open voor opmerkingen en kritiek.
    Een goed 2018.

  2. Mooie naam! Maar ik kan het alleen maar eens zijn. Veel gaat er mis in de lokale politiek: autoritaire colleges, dommigheid, incompetenties.
    Maar we zullen het met elkaar moeten doen. Dus aandacht voor de lokale democratie is zeer nodig. Kiezen voor bovenlokaal of gedetailleerde plannen zullen niet helpen. Onze lokale bestuurders en vertegenwoordigers op de nek zitten wel.
    Ook mijn beste wensen voor 2018 en een herlevende sociaaldemocratie.

Geef een reactie

Gelieve met een van deze methodes in te loggen om je reactie te plaatsen:

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.